Hoe zeg je "ik rende" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “ik rende” is “corrí” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Ayer corrí cinco kilómetros en el parque.
Gisteren rende ik vijf kilometer in het park.
Corrí para no perder el tren.
Ik rende om de trein niet te missen.
Corrí la cortina para que entrara la luz.
Ik schoof het gordijn opzij om het licht binnen te laten.
Het accentteken is belangrijk
Het accent op de 'í' geeft aan dat deze actie in het verleden plaatsvond en dat je het einde van het woord moet benadrukken bij het spreken. Dit is vergelijkbaar met hoe we in het Nederlands de voltooid tegenwoordige tijd (bv. 'gerend') gebruiken om een afgeronde actie aan te duiden.
Voltooide acties
Gebruik 'corrí' als je praat over een specifieke keer dat je rende met een duidelijk begin en einde (zoals 'gisteren' of 'om 17:00 uur'). Dit komt overeen met de Nederlandse voltooid verleden tijd of de onvoltooid verleden tijd van 'rennen' (ik rende).
Het accent weglaten
Fout: “Yo corri ayer.”
Correctie: Yo corrí ayer. Zonder accent bestaat het woord niet in het Spaans! Let op: in het Nederlands is de verleden tijd 'rende' of 'gerend', maar in het Spaans is het accent cruciaal voor de 1e persoon enkelvoud voltooid verleden tijd.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.