
correr in de Ontkennende gebiedende wijs – vervoeging
correr — rennen
Negatieve bevelen voor 'correr' gebruiken de presente de subjuntivo: no corras, no corra, no corramos, no corráis, no corran.
correr in de Ontkennende gebiedende wijs – vormen
Wanneer de Ontkennende gebiedende wijs gebruiken
Gebruik dit om iemand te verbieden te rennen. Vaak gebruikt in veiligheidssituaties of wanneer je iemand zegt langzamer te gaan. Dit komt overeen met het Nederlandse 'niet rennen'.
Opmerkingen over correr in de Ontkennende gebiedende wijs
De negatieve imperatief komt altijd overeen met de vormen van de presente de subjuntivo.
Voorbeeldzinnen
¡No corras por el pasillo!
Ren niet door de gang!
tú
No corra, el suelo está mojado.
Niet rennen, de vloer is nat.
usted
No corramos, todavía tenemos tiempo.
Laten we niet rennen, we hebben nog tijd.
nosotros
Veelgemaakte fouten
Fout: Het gebruik van 'no corre' voor een bevel.
Correct: no corras
Waarom: Negatieve bevelen moeten de subjuntivo-vormen gebruiken, niet de indicatieve vorm 'corre'. Dit is een belangrijk verschil met het Nederlands, waar we vaak de infinitief of de tegenwoordige tijd gebruiken in ontkennende zinnen.
Beheers Spaanse werkwoorden in context
Tabellen uit je hoofd leren brengt je maar zo ver. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie werkwoorden zoals 'correr' natuurlijk gebruikt — in de tijden die je aan het leren bent.
Verwante tijden
Tegenwoordige tijd
yo: corro
De presente indicativo van 'correr' is een standaard werkwoord op -er: corro, corres, corre, corremos, corréis, corren.
Pretérito indefinido
yo: corrí
De pretérito perfecto simple van 'correr' is regelmatig: corrí, corriste, corrió, corrimos, corristeis, corrieron.
Imperfectum
yo: corría
De imperfectum van 'correr' is regelmatig, met de uitgangen -ía: corría, corrías, corría, corríamos, corríais, corrían.
Toekomende tijd
yo: correré
De futuro simple van 'correr' is regelmatig, waarbij uitgangen aan het hele werkwoord worden toegevoegd: correré, correrás, correrá, correremos, correréis, correrán.
Voorwaardelijke wijs
yo: correría
De condicional simple van 'correr' is regelmatig: correría, correrías, correría, correríamos, correríais, correrían.
Aanvoegende wijs tegenwoordige tijd
yo: corra
De presente de subjuntivo van 'correr' gebruikt de -a uitgangen: corra, corras, corra, corramos, corráis, corran.
Aanvoegende wijs imperfectum
yo: corriera
De imperfecto de subjuntivo van 'correr' gebruikt de -ra uitgangen: corriera, corrieras, corriera, corriéramos, corrierais, corrieran.
Bevestigende gebiedende wijs
yo: ¡corre!
Affirmatieve bevelen voor 'correr' zijn: corre (tú), corra (usted), corramos (nosotros), corred (vosotros), corran (ustedes).