Inklingo
Een simpele tekening van een persoon die snel rent over een groen veld onder een blauwe hemel.

correr in de Pretérito indefinido – vervoeging

correrrennen

A1regular -er★★★★★
Kort antwoord:

De pretérito perfecto simple van 'correr' is regelmatig: corrí, corriste, corrió, corrimos, corristeis, corrieron.

correr in de Pretérito indefinido – vormen

yocorrí
corriste
él/ella/ustedcorrió
nosotroscorrimos
vosotroscorristeis
ellos/ellas/ustedescorrieron

Wanneer de Pretérito indefinido gebruiken

Gebruik de pretérito perfecto simple voor een voltooide ren met een specifiek begin of einde. Als je een marathon hebt uitgelopen of vanochtend naar de bushalte hebt gerend, gebruik dan deze tijd. Dit komt overeen met de Nederlandse onvoltooid verleden tijd.

Opmerkingen over correr in de Pretérito indefinido

'Correr' is een regelmatig werkwoord op -er in de pretérito perfecto simple. Merk op dat de 'nosotros'-vorm (corrimos) anders is dan in de tegenwoordige tijd (corremos).

Voorbeeldzinnen

  • Ayer corrí cinco kilómetros.

    Gisteren rende ik vijf kilometer.

    yo

  • Él corrió para alcanzar el tren.

    Hij rende om de trein te halen.

    él/ella/usted

  • Corrimos mucho durante el partido.

    We renden veel tijdens de wedstrijd.

    nosotros

Veelgemaakte fouten

  • Fout: Het verwarren van 'corrimos' met 'corremos'.

    Correct: corrimos

    Waarom: Bij werkwoorden op -er eindigt de 'nosotros'-vorm in de pretérito perfecto simple op -imos, terwijl deze in de tegenwoordige tijd op -emos eindigt. Dit is vergelijkbaar met het verschil tussen 'wij renden' en 'wij rennen' in het Nederlands.

Beheers Spaanse werkwoorden in context

Tabellen uit je hoofd leren brengt je maar zo ver. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie werkwoorden zoals 'correr' natuurlijk gebruikt — in de tijden die je aan het leren bent.

Verwante tijden