acabará
“acabará” betekent “zal eindigen” in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
zal eindigen, zal ophouden
Ook: zal voltooien
📝 In Actie
El concierto acabará antes de medianoche.
A1Het concert zal voor middernacht eindigen.
Ella acabará la carrera de ingeniería en tres años.
A2Zij zal de ingenieursopleiding over drie jaar afronden.
Si no se apura, el tiempo se acabará.
B1Als hij zo doorgaat met rijden, is de tijd zo om. (Impliceert 'acabarse' maar gebruikt de simpele vorm)
zal uitkomen op, zal uiteindelijk
Ook: zal resulteren in
📝 In Actie
Si sigue conduciendo así, acabará en un accidente.
B2Als hij zo doorgaat met rijden, zal hij in een ongeluk belanden.
Después de tanto esfuerzo, la novela acabará por publicarse.
C1Na zoveel moeite zal de roman uiteindelijk gepubliceerd worden.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
Vertaal naar het Spaans
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: acabará
Vraag 1 van 1
Welke zin gebruikt 'acabará' correct om 'zal uitkomen op' te betekenen?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
🎵 Rijmwoorden▼
📚 Etymologie▼
Komt van het Vulgair Latijnse werkwoord *accap(p)are*, wat 'grijpen' of 'vastpakken' betekent. In de loop van de tijd evolueerde dit naar 'het uiterste einde vastpakken' of 'voltooien.'
Eerste vermelding: Medieval Spanish
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'acabará' en 'se acabará'?
'Acabará' (derde persoon enkelvoud, niet-reflexief) betekent 'hij/zij/het zal beëindigen' (een actie of taak). 'Se acabará' (reflexieve vorm, *acabarse*) betekent 'het zal opraken,' 'het zal uitgeput raken,' of 'het zal vanzelf tot een einde komen.' Bijvoorbeeld: 'El pan se acabará' (Het brood zal opraken).
Kan ik 'acabará' gebruiken om over mezelf of 'wij' te praten?
Nee. 'Acabará' werkt alleen voor 'él' (hij), 'ella' (zij), 'usted' (beleefd u), of 'het'. Als je over jezelf wilt praten, moet je 'acabaré' (ik zal eindigen) zeggen. Voor 'wij' moet je 'acabaremos' (wij zullen eindigen) gebruiken. Dit is anders dan in het Nederlands, waar de context vaak volstaat, maar in het Spaans is de persoonsvorm cruciaal.

