cojo
KOH-hoh
/ˈko.xo/
📝 In Actie
El perro estaba cojo después de la caída.
A2De hond liep te mank na de val.
Esta silla está coja; no te sientes en ella.
B1Deze stoel is wankel; ga er niet op zitten.
Se levantó y se fue, aunque parecía un poco cojo.
B2Hij stond op en ging weg, ook al leek hij een beetje kreupel.
💡 Grammaticapunten
Overeenkomst in Geslacht en Getal
Net als de meeste Spaanse bijvoeglijke naamwoorden, verandert 'cojo' zijn uitgang om aan te sluiten bij het zelfstandig naamwoord dat het beschrijft: 'cojo' (mannelijk enkelvoud), 'coja' (vrouwelijk enkelvoud), 'cojos' (mannelijk meervoud), 'cojas' (vrouwelijk meervoud).
⭐ Gebruikstips
Gebruik met Voorzichtigheid
Wanneer het naar mensen verwijst, kan 'cojo' als verouderd of ongevoelig worden ervaren. Het is vaak veiliger om zinnen te gebruiken als 'una persona que cojea' (een persoon die hinkt) of 'tiene dificultades para caminar' (heeft moeite met lopen).
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: cojo
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'cojo' als de eerste-persoonsactie (ik pak)?
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
📚 Meer bronnen
Veelgestelde Vragen
Waarom klinkt 'cojo' alsof het met een 'g' gespeld zou moeten worden (cogo)?
Het basiswerkwoord is 'coger' (met een 'g'). Wanneer de 'g' direct gevolgd wordt door een 'o' of een 'a', vereisen de Spaanse spellingsregels dat deze verandert in een 'j' (zoals in 'cojo') om de sterke 'H'-klank te behouden; anders zou het klinken als 'co-go' (met een zachte G), wat onjuist is voor dit werkwoord.
Is het bijvoeglijk naamwoord 'cojo' aanstootgevend?
Het kan zijn. Hoewel het letterlijk 'kreupel' of 'mank' betekent, geven veel mensen de voorkeur aan beschrijvende zinnen zoals 'una persona que cojea' (een persoon die hinkt) om het directe bijvoeglijk naamwoord te vermijden, wat sommigen te bot of ongevoelig vinden.