daba
DAH-bah
/ˈdaβa/
Snelle Referentie
📝 In Actie
Cuando era niño, mi abuela me daba caramelos.
A2Toen ik klein was, gaf mijn oma me snoepjes.
Él siempre daba las gracias al camarero.
A2Hij bedankte de ober altijd.
Yo le daba dinero cada semana para el autobús.
A1Ik gaf hem elke week geld voor de bus.
La ventana daba a un hermoso jardín.
B1Het raam keek uit op een prachtige tuin.
💡 Grammaticapunten
De functie van de Imperfecto
'Daba' beschrijft voortdurende of herhaalde acties in het verleden (zoals 'vroeger geven' of 'aan het geven was'). Het zet de scène neer of beschrijft een gewoonte.
Onregelmatigheid van 'Dar'
Hoewel 'dar' een -ar werkwoord is, is de imperfecte vorm 'daba' een van de slechts drie echt onregelmatige imperfecte werkwoorden in het Spaans (de andere zijn ir en ser). Onthoud deze vorm goed!
❌ Veelgemaakte Fouten
Imperfecto versus Pretérito
Fout: “Het gebruik van 'di' (pretérito) om gewoontes te beschrijven: 'Cada día, él di dinero.'”
Correctie: Gebruik 'daba' (imperfecto) voor gewoontes: 'Cada día, él daba dinero.' (Elke dag gaf hij geld.)
⭐ Gebruikstips
De Persoon Onthouden
De 'yo' (ik) vorm en de 'él/ella/usted' (hij/zij/u) vorm zijn identiek: 'Yo daba' en 'Él daba.' Gebruik het onderwerp (Yo, Él) om duidelijk te maken wie de actie uitvoert.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: daba
Vraag 1 van 1
Welke zin gebruikt 'daba' correct om een herhaalde actie in het verleden te beschrijven?
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
📚 Meer bronnen
Veelgestelde Vragen
Hoe weet ik of 'daba' 'ik gaf' of 'hij/zij gaf' betekent?
Je hebt context nodig! Omdat de 'yo' (ik) vorm en de 'él/ella/usted' (hij/zij/u formeel) vorm hetzelfde zijn, voegen Spaanstaligen vaak het onderwerp (Yo, Él, Ella) toe of vertrouwen ze op de omliggende zinnen om te verduidelijken wie de gever is.
Is 'daba' een regelmatige werkwoordsvorm?
Nee. Hoewel de meeste -ar werkwoorden regelmatige imperfecte vormen hebben, is 'dar' een van de drie onregelmatige werkwoorden in de imperfecte tijd. De vorm 'daba' is uniek en moet uit het hoofd geleerd worden.