hacía
“hacía” betekent “was aan het doen / was aan het maken” in het Spaans. Het heeft 3 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
was aan het doen / was aan het maken
Ook: vroeger deed / vroeger maakte
📝 In Actie
Yo hacía mi tarea cuando mi mamá llegó.
A2Ik was mijn huiswerk aan het maken toen mijn moeder thuiskwam.
¿Qué hacías en la cocina?
A2Wat was je in de keuken aan het doen?
Mi abuela siempre hacía galletas los domingos.
B1Mijn oma maakte zondags altijd koekjes.
het was...

📝 In Actie
Hacía mucho frío ayer.
A1Het was gisteren erg koud.
Hacía sol, así que fuimos al parque.
A2Het was zonnig, dus gingen we naar het park.
No salimos porque hacía mal tiempo.
A2We gingen niet naar buiten omdat het slecht weer was.
het was al...
Ook: geleden
📝 In Actie
Hacía tres años que no la veía.
B1Het was al drie jaar geleden dat ik haar gezien had. (of: Ik had haar al drie jaar niet gezien.)
Hacía mucho tiempo que esperábamos ese momento.
B1We hadden al lang op dat moment gewacht.
Se mudó a Chile hacía diez años.
B2Hij verhuisde tien jaar geleden naar Chili.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: hacía
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'hacía' correct om het weer te beschrijven?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
🎵 Rijmwoorden▼
📚 Etymologie▼
`Hacía` komt van het Latijnse werkwoord `facere`, wat 'doen' of 'maken' betekende. De 'f' aan het begin van veel Latijnse woorden verzachtte na verloop van tijd in het Spaans en werd een stomme 'h'.
Eerste vermelding: Forms of 'hacer' appear in the earliest written Spanish texts, around the 10th century.
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'hacía' en 'hacia' (zonder accent)?
Goede vraag! Het accent verandert alles. `Hacía` (met een accent) is de verleden tijd van het werkwoord 'doen/maken', wat 'was aan het doen' of 'het was' betekent voor het weer. `Hacia` (zonder accent) is een compleet ander woord dat 'naar' of 'richting' betekent, zoals 'Camino hacia el parque' (Ik loop naar het park).
Waarom wordt 'hacía' gebruikt voor zowel 'ik was aan het doen' als 'hij/zij was aan het doen'?
Je hebt iets belangrijks over deze werkwoordsvorm opgemerkt! In de 'imperfectum' verleden tijd zijn de vormen voor 'yo' (ik) en 'él/ella/usted' (hij/zij/u beleefd) hetzelfde voor alle werkwoorden. Dus, 'yo hacía' en 'él hacía' zien er identiek uit. Je weet wie de actie uitvoert op basis van de context van het gesprek.


