Inklingo

Hoe zeg je "ik woonde" in het Spaans

Het Spaanse woord voorik woondeis vivíA1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Dutch → SpaansA1

viví

verbA1
verblijven op een plaats
Een gezellig, kleurrijk huis met een kleine tuin en een vriendelijke boom, wat suggereert dat iemand er een thuis heeft gemaakt.

Voorbeelden

Viví en México durante tres años.

Ik woonde drie jaar in Mexico.

Ese día viví un momento inolvidable.

Die dag ervoer ik een onvergetelijk moment.

Viví feliz en esa casa.

Ik woonde gelukkig in dat huis.

De 'Ik'-Vorm in de Verleden Tijd

Dit woord is de 'ik'-vorm van het werkwoord 'vivir' wanneer je spreekt over een specifieke gebeurtenis of een afgesloten periode in het verleden (de preteritum).

Het Belang van de Accent

Vergeet de schuine streep (accentteken) op de 'í' niet. Zonder dit accent bestaat het woord niet in standaard Spaans, en het helpt je te weten dat je de laatste lettergreep moet benadrukken: vi-VÍ.

Verwarring tussen 'Vivo' en 'Viví'

Fout:Zeggen 'Vivo en España' als je bedoelt 'Ik woonde in Spanje'.

Correctie: Gebruik 'Vivo' voor nu (ik woon) en 'Viví' voor het verleden (ik woonde).

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.