Hoe zeg je "zij stal" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “zij stal” is “robó” — B1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
El delincuente robó la bicicleta esta mañana.
De crimineel stal vanmorgen de fiets.
Mi hermana me contó que un desconocido le robó el bolso en el metro.
Mijn zus vertelde me dat een onbekende haar handtas in de metro heeft gestolen.
¿Usted robó estas joyas? Necesito saber la verdad.
Heb jij deze juwelen gestolen? Ik moet de waarheid weten.
Gebruik van de Pretérito Indefinido
Deze vorm ('robó') duidt op een enkele, voltooide actie in het verleden. Het begon en eindigde op een specifiek moment. Dit komt overeen met de Nederlandse voltooid tegenwoordige tijd (ik heb gestolen) of de onvoltooid verleden tijd (ik stal) voor een afgeronde gebeurtenis.
Verwarring tussen Pretérito en Imperfecto
Fout: “Het gebruik van 'robaba' (imperfecto) in plaats van 'robó' (pretérito) voor een afgeronde misdaad.”
Correctie: 'Robó' benadrukt dat de misdaad gebeurde en eindigde; 'robaba' zou betekenen dat de persoon continu of gewoonlijk aan het stelen was, wat in het Nederlands vaak met 'was aan het stelen' of 'stal vaak' wordt uitgedrukt.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.