Hoe zeg je "zij vliegen" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “zij vliegen” is “vuelan” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansA1
verbA1
zich door de lucht bewegen

Voorbeelden
Las aves vuelan hacia el sur en invierno.
De vogels vliegen in de winter naar het zuiden.
Los aviones vuelan muy alto.
De vliegtuigen vliegen erg hoog.
De 'O' naar 'UE' Wisseling
Het woord 'vuelan' komt van 'volar'. Merk op hoe de 'o' verandert in 'ue' als je zegt 'zij vliegen' – dit gebeurt in de tegenwoordige tijd wanneer de klemtoon op het midden van het woord ligt!
Vuelan versus Vuelven
Fout: “Het gebruik van 'vuelven' om 'vliegen' te betekenen.”
Correctie: Zeg 'vuelan' voor vliegen; 'vuelven' betekent dat ze terugkeren of terugkomen.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.