irá
ee-RAH
/iˈra/
Deze afbeelding toont een persoon die naar het huis zal gaan.
irá(Werkwoord)
zal gaan
?fysieke verplaatsing naar een bestemming
gaat
?as a planned future action
📝 In Actie
Mi hermano irá a la universidad el próximo año.
A1Mijn broer zal volgend jaar naar de universiteit gaan.
¿A qué hora irá usted al aeropuerto?
A2Hoe laat gaat u (formeel) naar het vliegveld?
Ese paquete irá por correo urgente.
A2Dat pakket zal per expressepost gaan.
💡 Grammaticapunten
Basis van de Toekomende Tijd
De vorm 'irá' geeft aan dat een enkelvoudig onderwerp (hij, zij, of u) zeker een handeling op een later tijdstip zal uitvoeren. Dit komt overeen met de Nederlandse toekomende tijd (zal + infinitief).
Impliciet Onderwerp
In het Spaans wordt het onderwerp (él, ella, usted) vaak weggelaten omdat 'irá' duidelijk aangeeft wie de handeling verricht. In het Nederlands gebruiken we meestal wel een onderwerp ('Hij zal gaan').
⭐ Gebruikstips
Alternatief voor Directe Toekomst
Voor directe plannen geven veel Spaanse sprekers de voorkeur aan 'va a ir' (gaat gaan) boven de simpele toekomende tijd 'irá'.

De soepel zeilende boot suggereert dat het de reizigers goed zal vergaan.
irá(Werkwoord)
zal vergaan
?verwijzend naar succes of vooruitgang
,zal uitpakken
?verwijzend naar een resultaat
zal plaatsvinden
?referring to an event
📝 In Actie
No te preocupes, el examen final irá bien.
B1Maak je geen zorgen, het eindexamen zal goed uitpakken (zal goed gaan).
Si sigue practicando, su negocio irá mejor cada mes.
B2Als hij blijft oefenen, zal zijn bedrijf elke maand beter vergaan.
La junta irá de maravilla si todos colaboran.
B2De vergadering zal wonderwel verlopen als iedereen samenwerkt.
💡 Grammaticapunten
Gebruik van 'Ir' voor Resultaten
Wanneer 'irá' wordt gebruikt om te beschrijven hoe een situatie of plan uitpakt, wordt het bijna altijd gevolgd door een bijwoord zoals 'bien' (goed) of 'mal' (slecht). Dit is vergelijkbaar met hoe we in het Nederlands 'het zal goed gaan' zeggen.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: irá
Vraag 1 van 2
Welke van deze zinnen gebruikt 'irá' correct om te praten over een voorspelling?
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
📚 Meer bronnen
Veelgestelde Vragen
Hoe weet ik of 'irá' 'zal gaan' of 'zal uitpakken' betekent?
Je kunt het afleiden uit de context. Als 'irá' gevolgd wordt door 'a' en een plaats (bv. 'irá al parque'), betekent het fysieke verplaatsing. Als het gevolgd wordt door een bijwoord zoals 'bien' of 'mal' (bv. 'irá mal'), dan verwijst het naar de uitkomst of het resultaat.
Wat is het verschil tussen 'irá' en 'va'?
'Irá' is de toekomende tijd (zal gaan), gebruikt voor dingen die later gebeuren. 'Va' is de tegenwoordige tijd (gaat/is bezig te gaan), gebruikt voor dingen die nu gebeuren of soms voor zeer nabije toekomstige plannen.