perfume
per-FOO-meh
/peɾˈfume/
📝 In Actie
Compré un nuevo perfume para la fiesta.
A1Ik kocht een nieuw parfum voor het feest.
El perfume de las flores llenó toda la habitación.
A2De geur van de bloemen vulde de hele kamer.
¿Qué perfume usas? Huele delicioso.
A1Welk parfum draag je? Het ruikt heerlijk.
💡 Grammaticapunten
Regel voor mannelijk geslacht
Hoewel 'perfume' eindigt op '-e', is het een mannelijk zelfstandig naamwoord. Gebruik altijd 'el' of 'un' ervoor: 'el perfume'. Dit is anders dan in het Nederlands, waar 'het parfum' wordt gebruikt.
❌ Veelgemaakte Fouten
Geslachtverwarring
Fout: “La perfume es muy fuerte.”
Correctie: El perfume es muy fuerte. (Onthoud dat het mannelijk is, dus gebruik 'el', niet 'la'.)
⭐ Gebruikstips
Het werkwoord gebruiken
De werkwoordsvorm is 'perfumar' (parfumeren/geuren). Je kunt zeggen 'perfumó la ropa' (het parfumeerde de kleding).
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: perfume
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt het Spaanse woord 'perfume' correct?
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
📚 Meer bronnen
Veelgestelde Vragen
Wordt 'perfume' anders uitgesproken in Latijns-Amerika vergeleken met Spanje?
De uitspraak is overal erg vergelijkbaar. Het belangrijkste verschil zit in de 's'-klank. In het grootste deel van Spanje kan de 'c' in gerelateerde woorden zoals 'fragancia' klinken als een 'th' (th-ra-GAN-thya), maar 'perfume' zelf wordt consequent uitgesproken als per-FOE-meh.
Hoe zeg je 'parfum opspuiten'?
De meest gebruikelijke en natuurlijke manier is met de reflexieve werkwoordsconstructie: 'echarse perfume' of 'ponerse perfume'. Bijvoorbeeld: 'Me eché perfume antes de salir' (Ik deed parfum op voordat ik wegging).