Hoe zeg je "geur" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “geur” is “olor” — gebruik 'olor' voor elke algemene waarneming van een geur door de neus, zowel aangenaam als onaangenaam.
olor
oh-LOHRoˈlor

Voorbeelden
¡Qué buen olor tiene este café!
Wat een heerlijke geur heeft deze koffie!
El olor a gasolina me da dolor de cabeza.
De geur van benzine geeft me hoofdpijn.
Ese olor extraño viene de la cocina.
Die vreemde geur komt uit de keuken.
Mannelijk Zelfstandig Naamwoord
Hoewel het eindigt op -r, is 'olor' altijd mannelijk: 'el olor', 'un olor'. Dit is anders dan veel Nederlandse woorden die op een medeklinker eindigen en mannelijk of onzijdig kunnen zijn.
Geuren Beschrijven
Om aan te geven dat iets ergens 'naar ruikt', gebruik je 'tener olor a...': 'La casa tiene olor a flores' (Het huis ruikt naar bloemen). Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse 'ruiken naar'.
Gebruik van 'La' in plaats van 'El'
Fout: “La olor es horrible.”
Correctie: El olor es horrible. ('Olor' is mannelijk, ook al eindigt het op 'r', in tegenstelling tot veel Nederlandse woorden die op een klinker eindigen en vrouwelijk zijn.)
aroma
ah-ROH-mahaˈɾoma

Voorbeelden
Me encanta el aroma del café por la mañana.
Ik hou van de geur van koffie in de ochtend.
Las flores del jardín desprenden un aroma dulce.
De bloemen in de tuin verspreiden een zoete geur.
El vino tiene un aroma frutal muy intenso.
De wijn heeft een zeer intens fruitig aroma.
De '-a' Regel voor Mannelijke Woorden
Hoewel dit woord eindigt op '-a', is het mannelijk. Je moet 'el' of 'un' gebruiken in plaats van 'la' of 'una'. Dit gebeurt vaak bij woorden die uit het Grieks komen.
Gebruik van 'la' in plaats van 'el'
Fout: “La aroma es dulce.”
Correctie: El aroma es dulce. Omdat het woord mannelijk is, moeten de beschrijvende woorden (zoals 'de' of 'zoet') overeenkomen met het mannelijke geslacht.
perfume
per-FOO-mehpeɾˈfume

Voorbeelden
Compré un nuevo perfume para la fiesta.
Ik kocht een nieuw parfum voor het feest.
El perfume de las flores llenó toda la habitación.
De geur van de bloemen vulde de hele kamer.
¿Qué perfume usas? Huele delicioso.
Welk parfum draag je? Het ruikt heerlijk.
Regel voor mannelijk geslacht
Hoewel 'perfume' eindigt op '-e', is het een mannelijk zelfstandig naamwoord. Gebruik altijd 'el' of 'un' ervoor: 'el perfume'. Dit is anders dan in het Nederlands, waar 'het parfum' wordt gebruikt.
Geslachtverwarring
Fout: “La perfume es muy fuerte.”
Correctie: El perfume es muy fuerte. (Onthoud dat het mannelijk is, dus gebruik 'el', niet 'la'.)
olfato
ohl-FAH-toholˈfato

Voorbeelden
Los perros tienen un olfato muy desarrollado.
Honden hebben een zeer sterk ontwikkeld reukvermogen.
Perdí el olfato durante una semana por el resfriado.
Ik verloor mijn reukvermogen een week lang door de verkoudheid.
El olfato es uno de los cinco sentidos básicos.
Het reukvermogen is een van de vijf basale zintuigen.
Olfato vs. Olor
Gebruik 'olfato' voor het vermogen om te ruiken. Gebruik 'olor' voor de daadwerkelijke geur die van een object afkomt. Vergelijkbaar met het Nederlandse 'reukvermogen' versus 'geur'.
Altijd mannelijk
Dit woord is altijd mannelijk ('el olfato'), ook al eindigt het op 'o', wat typisch is voor mannelijke zelfstandige naamwoorden in het Spaans.
Gebruiken voor een geur
Fout: “Ese perfume tiene un olfato rico.”
Correctie: Ese perfume tiene un olor rico. (Je ruikt met je 'olfato', maar een bloem heeft een 'olor'). Dit is vergelijkbaar met het verkeerd gebruiken van 'reukvermogen' in plaats van 'geur' in het Nederlands.
esencia
eh-SEHN-syaheˈsen.θja

Voorbeelden
Añade unas gotas de esencia de limón al glaseado.
Voeg een paar druppels citroenextract toe aan het glazuur.
Compré una esencia de lavanda para el difusor.
Ik kocht een lavendelolie voor de diffuser.
Esta colonia tiene una esencia dulce muy agradable.
Dit parfum heeft een zeer aangename zoete geur.
Extract versus Olie
Fout: “Het gebruik van 'esencia' voor ruwe olie of kookolie ('aceite').”
Correctie: 'Esencia' duidt meestal op een geconcentreerde, geurende of gearomatiseerde vloeistof. Voor kookolie gebruik je 'aceite de cocina', en voor aardolie gebruik je 'petróleo'.
rastro
RRAH-strohˈras.tɾo

Voorbeelden
El perro olfateó el rastro del conejo.
De hond snuffelde aan de geur van het konijn.
Aún queda un rastro de humo en la habitación.
Er hangt nog een spoor/lucht van rook in de kamer.
Olor vs. Aroma
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.





