tendremos
“tendremos” betekent “wij zullen hebben” in het Spaans. Het heeft 3 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
wij zullen hebben

📝 In Actie
Mañana tendremos los resultados del examen.
A2Morgen hebben we de examenresultaten.
El próximo año tendremos una casa más grande.
A2Volgend jaar zullen we een groter huis hebben.
wij zullen moeten

📝 In Actie
Tendremos que salir temprano para llegar a tiempo.
B1We zullen vroeg moeten vertrekken om op tijd aan te komen.
Para terminar el proyecto, tendremos que trabajar todo el fin de semana.
B1Om het project af te maken, zullen we het hele weekend moeten werken.
wij zullen zijn

📝 In Actie
Si no comemos ahora, más tarde tendremos mucha hambre.
A2Als we nu niet eten, zullen we later veel honger hebben.
En diciembre, mis hermanos y yo tendremos la misma edad por una semana.
B1In december zullen mijn broers en ik een week lang dezelfde leeftijd zijn.
Abre la ventana o tendremos calor.
A2Doe het raam open, anders zullen we het warm hebben.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: tendremos
Vraag 1 van 1
Welke zin gebruikt 'tendremos' correct om een noodzakelijke actie uit te drukken?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Komt van het Latijnse werkwoord 'tenēre', wat 'vasthouden, bezitten, bewaren' betekent. De toekomstige tijdsvorm in het Spaans is geëvolueerd door het hele werkwoord ('tener') te combineren met de tegenwoordige tijd van 'haber' (hemos), wat uiteindelijk versmolt tot één woord: 'tener-hemos' -> 'tendremos'.
Eerste vermelding: Around the 10th century
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'tendremos' en 'vamos a tener'?
Goede vraag! Beide betekenen 'wij zullen hebben' en zijn vaak uitwisselbaar. 'Tendremos' (de simpele toekomstige tijd) kan iets formeler of zekerder klinken. 'Vamos a tener' is heel gebruikelijk in dagelijkse gesprekken, vooral voor plannen die binnenkort plaatsvinden.
Waarom zeg je 'tendremos frío' (wij zullen kou hebben) in plaats van 'estaremos fríos' (wij zullen koud zijn)?
Dit is een belangrijk verschil tussen Spaans en Nederlands! Spaans gebruikt het werkwoord 'tener' (hebben) voor veel fysieke sensaties zoals honger, dorst, warmte en kou, evenals voor leeftijd. Je 'hebt' deze toestanden in plaats van dat je ze 'bent'.


