ví
“ví” betekent “Ik zag” in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
Ik zag, Ik keek naar
Ook: Ik merkte op
📝 In Actie
Ayer ví una película muy divertida.
A1Gisteren zag ik een erg leuke film.
¿Quién ví en el parque? ¡Era tu hermano!
A2Wie zag ik in het park? Dat was je broer!
Cuando llegué, ví que la puerta estaba abierta.
A2Toen ik aankwam, zag ik dat de deur open was.
Ik begreep, Ik realiseerde me
Ook: Ik doorzag
📝 In Actie
Después de su explicación, por fin ví el problema.
B1Na zijn uitleg zag (begreep) ik eindelijk het probleem.
Ví claramente que no quería ayudarme.
B2Ik zag (realiseerde me) duidelijk dat hij me niet wilde helpen.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
Vertaal naar het Spaans
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: ví
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'ví' correct om een enkele, voltooide actie in het verleden te beschrijven?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
🎵 Rijmwoorden▼
📚 Etymologie▼
Komt rechtstreeks van het Latijnse werkwoord *vidēre*, wat 'zien' betekent. Het Spaans heeft de structuur door de eeuwen heen vereenvoudigd, maar de wortel is hetzelfde gebleven.
Eerste vermelding: Old Spanish (around 10th-11th century) as a form of 'veer' or 'ver'.
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Moet ik 'ví' altijd met een accentteken schrijven?
Historisch gezien was het accent op 'ví' (en 'dio' van dar) verplicht om de klemtoon aan te geven. De Koninklijke Spaanse Academie (RAE) staat het weglaten van het accent ('vi') nu echter toe omdat het een woord van één lettergreep is en er geen risico op verwarring is. Zowel 'ví' als 'vi' worden over het algemeen geaccepteerd, maar het gebruik van het accent is een duidelijke manier om de onvoltooid verleden tijd aan te geven.
Wat is het verschil tussen 'ví' en 'veía'?
'Ví' is de onvoltooid verleden tijd (pretérito indefinido) en wordt gebruikt voor een enkele, voltooide actie ('ik zag de hond'). 'Veía' is de onvoltooid onvoltooid verleden tijd (imperfecto) en beschrijft voortdurende acties, gewoonten of beschrijvingen in het verleden ('ik zag de hond vroeger' of 'ik was de hond aan het zien').

