Hoe zeg je "vlieg!" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “vlieg!” is “vuela” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
El águila vuela muy alto sobre las montañas.
De adelaar vliegt heel hoog boven de bergen.
Cuando estás de vacaciones, el tiempo vuela.
Als je op vakantie bent, vliegt de tijd.
¡Vuela a la cocina y trae la sal!
Vlieg (ren) naar de keuken en breng het zout!
Klinkerwisseling: O naar UE
Het werkwoord volar (vliegen) is onregelmatig. In de tegenwoordige tijd verandert de 'o' in 'ue' in de meeste vormen, behalve bij 'nosotros' en 'vosotros'. Daarom zeggen we vuela in plaats van vola.
Dubbele functie van 'Vuela'
'Vuela' wordt voor twee belangrijke dingen gebruikt: 1) Om aan te geven wat 'hij, zij of het' doet (tegenwoordige indicatief). 2) Om een informeel bevel te geven aan een vriend ('tú' gebiedende wijs).
De klinkerwisseling vergeten
Fout: “El pájaro vola.”
Correctie: De juiste vorm is *El pájaro vuela*. Onthoud altijd dat de 'o' verandert in 'ue' wanneer deze beklemtoond wordt.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.