Hoe zeg je "zij vragen" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “zij vragen” is “preguntan” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Los turistas siempre preguntan por la catedral.
De toeristen vragen altijd naar de kathedraal.
Mis padres preguntan cuándo vamos a volver a casa.
Mijn ouders vragen wanneer we terug naar huis gaan.
Ustedes preguntan mucho, y eso es bueno.
U allen stelt veel vragen, en dat is goed.
De 'Zij/U allen'-vorm
Deze vorm, 'preguntan', wordt altijd gebruikt wanneer de actie van vragen wordt uitgevoerd door een groep mensen ('zij', 'ellos/ellas') of een formele groep die u aanspreekt ('u allen', 'ustedes'). Dit komt overeen met de Nederlandse 'zij vragen' of de formele 'u vraagt/vragen'.
Vragen om informatie versus vragen om dingen
Gebruik 'preguntar' alleen als je een vraag stelt om informatie te verkrijgen. Als je om een fysiek object of een gunst vraagt, moet je het werkwoord 'pedir' gebruiken.
Onjuist gebruik van 'por'
Fout: “Ellos preguntan por el precio.”
Correctie: Ellos preguntan el precio. (In het Spaans heb je meestal geen voorzetsel nodig als je naar een direct object vraagt, zoals de prijs. Dit is anders dan in het Nederlands waar je vaak 'naar' gebruikt: 'zij vragen naar de prijs'.)
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.