esposo
“esposo” betekent “echtgenoot” in het Spaans (een getrouwde man).
echtgenoot
Ook: echtgenoot
📝 In Actie
Mi esposo es médico.
A1Mijn echtgenoot is dokter.
Voy al cine con mi esposo esta noche.
A1Ik ga vanavond met mijn echtgenoot naar de bioscoop.
El esposo de María es muy amable.
A2De echtgenoot van Maria is erg aardig.
Vertaal naar het Spaans
Woorden die vertaald worden als "esposo" in het Spaans:
echtgenoot→✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: esposo
Vraag 1 van 1
Welke zin praat correct over 'een echtgenoot'?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Komt van het Latijnse woord 'sponsus', wat 'verloofde' of 'iemand die beloofd is in het huwelijk' betekende. Het deelt dezelfde wortel als het Nederlandse woord 'spouse' (echtgenoot/echtgenote)!
Eerste vermelding: Around the 13th century
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'esposo' en 'marido'?
Ze betekenen allebei 'echtgenoot' en zijn extreem gebruikelijk. Sommige mensen vinden 'esposo' iets formeler of 'correcter', terwijl 'marido' alledaagser en informeler is. In werkelijkheid kun je ze bijna zonder problemen door elkaar gebruiken.
Hoe zeg je 'man en vrouw'?
Je kunt 'esposo y esposa' zeggen. Een veelgebruikte afkorting is om de meervoudsvorm 'los esposos' te gebruiken, wat 'de echtgenoten' betekent en naar het stel samen verwijst.