pánico
“pánico” betekent “paniek” in het Spaans (plotselinge overweldigende angst).
paniek
Ook: schrik, angst
📝 In Actie
Cuando vio el humo, entró en pánico y no supo qué hacer.
B1Toen hij de rook zag, raakte hij in paniek en wist hij niet wat hij moest doen.
La noticia de la tormenta sembró el pánico entre los turistas.
B2Het nieuws over de storm verspreidde paniek onder de toeristen.
Sufrió un ataque de pánico en medio de la reunión.
C1Ze kreeg een paniekaanval midden in de vergadering.
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: pánico
Vraag 1 van 1
Welke zin is de meest natuurlijke manier om 'De menigte raakte in paniek' te zeggen?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
🎵 Rijmwoorden▼
📚 Etymologie▼
Dit woord komt van de Griekse god Pan. De oude Grieken geloofden dat Pan plotselinge, irrationele en overweldigende angst veroorzaakte bij mensen die zijn eenzaamheid verstoorden, vooral bij reizigers op afgelegen plaatsen. Deze angst werd naar hem vernoemd.
Eerste vermelding: 15th century (in Spanish)
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Is 'pánico' telbaar of ontelbaar?
'Pánico' wordt meestal behandeld als een ontelbaar zelfstandig naamwoord, net als 'angst' of 'kalmte'. Je kunt echter wel de meervoudsvorm 'pánicos' gebruiken om te verwijzen naar meerdere gevallen of soorten paniekaanvallen, hoewel dit minder gebruikelijk is.
Hoe zeg je 'panicky' in het Spaans?
De bijvoeglijke naamwoordvorm is 'panicoso' of 'paniquiento' (minder gebruikelijk), maar moedertaalsprekers gebruiken vaak gewoon een zin als 'estar lleno de pánico' (vol paniek zijn).