Hoe zeg je "fietsrijder" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “fietsrijder” is “ciclista” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
El ciclista lleva un casco para estar seguro.
De fietser draagt een helm om veilig te zijn.
Muchos ciclistas usan el carril bici en esta ciudad.
Veel fietsers gebruiken het fietspad in deze stad.
La ciclista profesional ganó la medalla de oro.
De professionele wielrenner won de gouden medaille.
Eén woord voor beide geslachten
Het woord 'ciclista' verandert niet van uitgang. Om aan te geven of je het over een man of een vrouw hebt, verander je alleen het lidwoord ervoor: 'el ciclista' (mannelijk) of 'la ciclista' (vrouwelijk).
De '-ista'-regel
De meeste Spaanse woorden die eindigen op '-ista' (zoals 'dentista' of 'artista') volgen hetzelfde patroon, waarbij de uitgang hetzelfde blijft, ongeacht het geslacht.
De 'Ciclisto'-fout
Fout: “Zeg niet 'el ciclisto'.”
Correctie: Zeg 'el ciclista'. Zelfs voor mannen eindigt het woord altijd op 'a'.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.