Hoe zeg je "het opsporen" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “het opsporen” is “localización” — B1 niveau.
Dutch → SpaansB1
nounB1

Voorbeelden
La localización del fallo en el motor tomó horas.
Het lokaliseren van de storing in de motor duurde uren.
La policía trabaja en la localización del sospechoso.
De politie werkt aan het opsporen van de locatie van de verdachte.
Actiewerkwoorden (Zelfstandige Naamwoorden)
In het Spaans beschrijven zelfstandige naamwoorden zoals deze vaak de 'daad van het doen' van het gerelateerde werkwoord (localizar). Dit is vergelijkbaar met hoe we in het Nederlands 'het lokaliseren' of 'het opsporen' gebruiken.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.