Hoe zeg je "iris" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “iris” is “iris” — A2 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
El color del iris de mi hijo es verde claro.
De kleur van de iris van mijn zoon is lichtgroen.
El iris es lo que da color a nuestros ojos.
De iris is wat kleur geeft aan onze ogen.
Geslachtsbepaling
Hoewel 'iris' eindigt op -s, is het een mannelijk zelfstandig naamwoord (net als 'de iris' in het Nederlands). Gebruik altijd 'el' of 'un' ervoor: 'el iris'.
Meervoudsvorm
De meervoudsvorm van 'iris' is hetzelfde als het enkelvoud: 'los iris'. Dit woord blijft altijd hetzelfde, zelfs als je over twee ogen praat.
Onjuist meervoud
Fout: “Los irises”
Correctie: Los iris. Je voegt geen '-es' toe om het meervoud te vormen; het woord wordt al meervoudig gemaakt door het lidwoord 'los'.
Andere betekenissen van “iris”
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.