Hoe zeg je "oom" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “oom” is “tío” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansA1
NounA1
De broer van je moeder of vader.

Voorbeelden
Mi tío Juan vive en Madrid.
Mijn oom Juan woont in Madrid.
Voy a visitar a mis tíos este fin de semana.
Ik ga dit weekend mijn oom en tante bezoeken.
Meervoud voor 'Oom en Tante'
In het Spaans wordt de mannelijke meervoudsvorm 'tíos' vaak gebruikt om naar een gemengde groep te verwijzen, zoals 'je oom en tante' samen. In het Nederlands gebruiken we meestal 'oom en tante' of 'de familie'.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.