Hoe zeg je "van jou" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “van jou” is “tuyo” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Este lápiz no es mío, es tuyo.
Dit potlood is niet van mij, het is van jou.
¿De quién es esta mochila? ¿Es tuya?
Van wie is deze rugzak? Is hij van jou?
Lo mío es tuyo, amigo.
Wat van mij is, is van jou, vriend.
Staat op zichzelf voor 'van jou'
Gebruik 'tuyo' om een zelfstandig naamwoord te vervangen dat je al genoemd hebt. In plaats van te zeggen 'Es tu libro' (Het is jouw boek), kun je gewoon 'Es tuyo' zeggen (Het is van jou).
Past bij het *ding*, niet bij de persoon
De uitgang van 'tuyo' verandert om het geslacht en getal van het voorwerp aan te passen dat bezeten wordt, niet de persoon die het bezit. Bijvoorbeeld: el libro es tuyo (het boek is van jou), la casa es tuya (het huis is van jou), los zapatos son tuyos (de schoenen zijn van jou).
Verwarring tussen `tuyo` en `tu`
Fout: “El coche es tu.”
Correctie: De juiste manier is 'El coche es tuyo.' Gebruik 'tu' *vóór* een zelfstandig naamwoord ('tu coche'), en 'tuyo' wanneer het na een werkwoord als 'ser' alleen staat.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.