Hoe zeg je "zomer" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “zomer” is “verano” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
¿Qué planes tienes para el verano?
Welke plannen heb je voor de zomer?
El calor del verano aquí es insoportable sin aire acondicionado.
De zomerhitte hier is ondraaglijk zonder airconditioning.
Muchas familias aprovechan el descanso del verano para viajar a la costa.
Veel gezinnen maken gebruik van de zomervakantie om naar de kust te reizen.
Regel voor mannelijk zelfstandig naamwoord
Onthoud dat je altijd het mannelijke lidwoord 'el' gebruikt bij 'verano', omdat het een mannelijk zelfstandig naamwoord is: 'el verano' (de zomer). Dit is anders dan in het Nederlands, waar het lidwoord 'de' is.
Praten over seizoenen
Wanneer men in het algemeen over het seizoen spreekt, gebruikt Spaans vaak het bepaald lidwoord 'el': 'Me gusta el verano' (Ik hou van de zomer). In het Nederlands laten we het lidwoord vaak weg ('Ik hou van zomer').
Het verkeerde geslacht gebruiken
Fout: “La verano fue muy caluroso.”
Correctie: El verano fue muy caluroso. (Seizoenen zijn in het Spaans meestal mannelijk, in tegenstelling tot het Nederlandse 'de zomer'.)
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.