Inklingo

aprendiendo

ah-pren-DYEN-doha.pɾenˈdjen.do

aprendiendo betekent leren in het Spaans (kennis of vaardigheid opdoen).

leren

Ook: opdoen, zich eigen maken
GerundA1regular er
Een vriendelijke, jonge berenwelp zit op een groene heuvel, diep geconcentreerd op het lezen van een groot, open rood boek. De scène is helder en kleurrijk.
infinitiveaprender
gerundaprendiendo
past Participleaprendido

📝 In Actie

Mi hijo está aprendiendo a leer en la escuela.

A1

Mijn zoon is op school aan het leren lezen.

Hemos estado aprendiendo mucho sobre la historia del arte.

A2

We zijn veel aan het leren over kunstgeschiedenis.

Ella sigue aprendiendo el idioma, aunque ya habla bien.

B1

Ze blijft de taal leren, ook al spreekt ze al goed.

Woordverbindingen

Synoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • estar aprendiendoaan het leren zijn (nu)
  • ir aprendiendogaandeweg leren

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "aprendiendo" in het Spaans:

lerenopdoen

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: aprendiendo

Vraag 1 van 2

Welke zin gebruikt 'aprendiendo' correct?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
🎵 Rijmwoorden
pudiendocreyendo
📚 Etymologie

Komt van het Latijnse werkwoord *apprehendere*, wat 'grijpen', 'vatten' of 'vastpakken' betekende. In de loop van de tijd evolueerde dit in het Spaans naar 'mentaal vatten' of 'kennis vastpakken'.

Eerste vermelding: Medieval Spanish (around the 13th century)

Cognaten (Verwante woorden)

Portuguese: aprendendoFrench: apprendre

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Is 'aprendiendo' een werkwoord of een bijvoeglijk naamwoord?

'Aprendiendo' is een speciale werkwoordsvorm, het gerundium. Het wordt altijd gebruikt om een actie te beschrijven die bezig is of momenteel plaatsvindt, meestal direct na het werkwoord 'estar' (zijn).

Waarom gebruikt 'aprender' '-iendo' en niet '-ando'?

De regel is eenvoudig: werkwoorden waarvan de basisvorm eindigt op '-er' of '-ir' (zoals *aprender* of *vivir*) vormen hun '-ing' vorm altijd met '-iendo'. Alleen werkwoorden die eindigen op '-ar' gebruiken '-ando'.