hablan
“hablan” betekent “zij spreken” in het Spaans (huidige actie).
zij spreken, zij praten
Ook: jullie spreken
📝 In Actie
Ellos hablan español en casa.
A1Zij spreken Spaans thuis.
¿De qué hablan los vecinos?
A2Waar praten de buren over?
Ustedes hablan muy rápido. Por favor, más despacio.
A2Jullie spreken erg snel. Alsjeblieft, langzamer.
Dicen que hablan de un nuevo proyecto.
B1Zij zeggen dat ze over een nieuw project praten.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
Vertaal naar het Spaans
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: hablan
Vraag 1 van 2
Welk voornaamwoord past correct bij 'hablan'?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
🎵 Rijmwoorden▼
📚 Etymologie▼
Komt van het Latijnse werkwoord *fabulari*, wat 'converseren' of 'verhalen vertellen' betekende. Het verving het oudere, meer formele Latijnse woord voor 'spreken', *loqui* (waar we woorden als 'elocutie' van hebben).
Eerste vermelding: Around the 10th or 11th century in Old Spanish texts.
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'hablan' en 'hablen'?
'Hablan' is de normale vorm om een feit vast te stellen: 'Zij spreken.' ('Ellos hablan'). 'Hablen' is een speciale vorm (de aanvoegende wijs of gebiedende wijs) die wordt gebruikt voor wensen, twijfels of bevelen aan een groep: 'Quiero que hablen' (Ik wil dat ze spreken) of '¡Hablen ahora!' (Spreek nu!).
Moet ik 'ellos' of 'ellas' gebruiken bij 'hablan'?
Nee, meestal niet! De '-an' uitgang maakt het voor moedertaalsprekers duidelijk dat het onderwerp 'zij' of 'jullie' is. Je hoeft het voornaamwoord alleen te vermelden als je wilt benadrukken wie er spreekt of als het onderwerp onduidelijk is uit de context.