Inklingo

hablen

ah-blehn'a.βlen

hablen betekent spreek in het Spaans (als een formele gebiedende wijs (Ustedes)).

spreek, mogen spreken / dat zij spreken

Ook: praten, bespreken
Spain (Peninsular)
Een kleurrijke, vriendelijke prentenboekillustratie met drie cartoonfiguren die in een groep staan, allemaal met geopende monden, bezig met een levendig gesprek. Eenvoudige gebogen lijnen komen uit hun monden om spraak aan te duiden.
infinitivehablar
gerundhablando
past Participlehablado

📝 In Actie

¡Señores, hablen más despacio para que yo pueda entender!

A2

Heren, spreek langzamer zodat ik het kan begrijpen!

Es crucial que los estudiantes hablen entre ellos en español.

B1

Het is cruciaal dat de studenten onderling Spaans spreken.

Dudo que ellos hablen tres idiomas fluidamente.

B2

Ik betwijfel of zij drie talen vloeiend spreken.

Woordverbindingen

Synoniemen

Antoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • Hablen de política.Zij praten over politiek.
  • Que hablen claro.Laat ze duidelijk spreken.

Idiomen & Uitdrukkingen

  • Que hablen los hechos.Daden spreken luider dan woorden.

🔄 Vervoegingen

indicative

present

él/ella/ustedhabla
yohablo
hablas
ellos/ellas/ustedeshablan
nosotroshablamos
vosotroshabláis

imperfect

él/ella/ustedhablaba
yohablaba
hablabas
ellos/ellas/ustedeshablaban
nosotroshablábamos
vosotroshablabais

preterite

él/ella/ustedhabló
yohablé
hablaste
ellos/ellas/ustedeshablaron
nosotroshablamos
vosotroshablasteis

subjunctive

present

él/ella/ustedhable
yohable
hables
ellos/ellas/ustedeshablen
nosotroshablemos
vosotroshabléis

imperfect

él/ella/ustedhablara/hablase
yohablara/hablase
hablaras/hablases
ellos/ellas/ustedeshablaran/hablasen
nosotroshabláramos/hablásemos
vosotroshablarais/hablaseis

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "hablen" in het Spaans:

besprekenpratenspreek

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: hablen

Vraag 1 van 1

Welke zin gebruikt 'hablen' als een formele gebiedende wijs?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
hablar(spreken)Werkwoord
el habla(spraak, taalvermogen)Zelfstandig naamwoord
hablador(a)(praatgraag persoon)Zelfstandig naamwoord / Bijvoeglijk naamwoord
🎵 Rijmwoorden
bailencallen
📚 Etymologie

Het werkwoord 'hablar' komt van het Latijnse woord *fabulari*, wat 'converseren' of 'verhalen vertellen' betekent (gerelateerd aan het Nederlandse woord 'fabel'). De vorm 'hablen' volgt een modern vervoegingspatroon voor regelmatige -ar werkwoorden.

Eerste vermelding: Around the 13th century (base verb 'hablar').

Cognaten (Verwante woorden)

Portuguese: falarFrench: fabuler

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Als ik tegen twee vrienden praat, moet ik dan 'hablen' of 'habláis' gebruiken?

Als je in Latijns-Amerika bent, moet je 'hablen' (Ustedes-vorm) gebruiken als je formeel wilt zijn, of 'hablan' (indicatief) als je een vraag stelt. Als je echter in Spanje bent, moet je 'hablad' gebruiken voor de informele gebiedende wijs (vosotros) of 'habláis' voor de tegenwoordige tijd.

Hoe verschilt 'hablen' van 'hablan'?

'Hablan' is de normale, feitelijke tegenwoordige tijd (Zij spreken/U (Uds.) spreekt). 'Hablen' is de speciale vorm die wordt gebruikt voor bevelen (Spreek!) of wanneer wensen, verlangens of twijfel worden uitgedrukt (Ik wil dat zij spreken).