sonrisa
“sonrisa” betekent “glimlach” in het Spaans (gezichtsuitdrukking van geluk of amusement).
glimlach
Ook: grijns
📝 In Actie
Su sonrisa iluminó toda la habitación.
A2Haar glimlach verlichtte de hele kamer.
Siempre me da una gran sonrisa cuando me ve.
A1Ze geeft me altijd een grote glimlach als ze me ziet.
Vi una sonrisa pícara en su rostro.
B1Ik zag een ondeugende glimlach op zijn gezicht.
Vertaal naar het Spaans
Woorden die vertaald worden als "sonrisa" in het Spaans:
grijns→✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: sonrisa
Vraag 1 van 1
Welke zin gebruikt het zelfstandig naamwoord 'sonrisa' correct?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Het woord komt van het Spaanse werkwoord *sonreír* (glimlachen). Dit werkwoord heeft zelf oude wortels, teruggaand naar het Latijnse woord *subrīdēre*, wat 'zachtjes lachen' of 'onder de adem lachen' betekende. Het zelfstandig naamwoord *sonrisa* is hier direct van afgeleid.
Eerste vermelding: 15th century
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'sonrisa' en 'risa'?
'Sonrisa' is een gezichtsuitdrukking – een glimlach. 'Risa' is het geluid – gelach. Een 'sonrisa' is stil, terwijl 'risa' hoorbaar is.
Hoe spreek ik over glimlachen in de verleden tijd?
Je moet het werkwoord *sonreír* gebruiken. Bijvoorbeeld: 'Ayer sonreí mucho' (Gisteren glimlachte ik veel). 'Sonrisa' is alleen het zelfstandig naamwoord.