Hoe zeg je "hoesten" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “hoesten” is “toser” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Tengo que toser porque hay mucho humo aquí.
Ik moet hoesten omdat er hier veel rook is.
El niño empezó a toser muy fuerte durante la noche.
De jongen begon 's nachts heel hard te hoesten.
Si vas a toser, por favor cúbrete la boca con el codo.
Als je gaat hoesten, bedek dan alsjeblieft je mond met je elleboog.
Toser is een Regelmatig -ER Werkwoord
Goed nieuws! Toser volgt het standaardpatroon voor werkwoorden die eindigen op -er, net als 'comer.' Je hoeft je geen zorgen te maken over rare spellingveranderingen in de stam.
Werkwoord versus Zelfstandig Naamwoord
Om 'een hoest' (het zelfstandig naamwoord) te zeggen, gebruik je 'la tos.' Om de actie te beschrijven, gebruik je 'toser.' Bijvoorbeeld: 'Tengo tos' (Ik heb een hoest) versus 'No puedo parar de toser' (Ik kan niet stoppen met hoesten).
De 'Toss' Verwarring
Fout: “Ik wil de bal gooien: Quiero toser la pelota.”
Correctie: Quiero lanzar la pelota. 'Toser' klinkt als het Engelse 'toss,' maar het betekent alleen hoesten!
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.