Hoe zeg je "een persoon" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “een persoon” is “alguien” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
¿Hay alguien en casa?
Is er iemand thuis?
Alguien llamó por teléfono.
Iemand belde aan de telefoon.
Necesito hablar con alguien que sepa de computadoras.
Ik moet praten met iemand die iets van computers weet.
Het Tegenovergestelde van 'Nadie'
'Alguien' betekent 'iemand'. Het directe tegenovergestelde is 'nadie', wat 'niemand' betekent.
Altijd Enkelvoud, Altijd Hetzelfde
'Alguien' verwijst altijd naar één persoon en verandert nooit van spelling voor meervoud of geslacht. Dit is anders dan in het Nederlands, waar we 'iemand' hebben, maar bij dingen wel 'enkele' of 'sommige' gebruiken.
Het Gebruik van de 'Persoonlijke a'
Wanneer 'alguien' degene is die een handeling van een werkwoord ontvangt, moet je er meestal een 'a' voor zetten. Bijvoorbeeld: 'Vi a alguien' (Ik zag iemand). Dit is een typisch Spaans kenmerk dat je in het Nederlands niet hebt.
Gebruik in Negatieve Zinnen
Fout: “No vi a alguien.”
Correctie: Voor negatieve zinnen moet je overschakelen naar het tegenovergestelde: 'No vi a nadie' (Ik zag niemand). In het Nederlands gebruiken we 'niemand' in combinatie met 'niet' ('Ik zag niemand'), maar in het Spaans is het dubbele ontkenning met 'no' en 'nadie'.
Proberen het Geslacht te Veranderen
Fout: “Busco a alguiena inteligente.”
Correctie: Het woord 'alguien' verandert nooit. Het werkt voor elke persoon. Zeg: 'Busco a alguien inteligente'. Je kunt het niet aanpassen zoals je in het Nederlands misschien 'iemand' of 'iemand anders' gebruikt, maar het blijft altijd 'alguien'.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.