Hoe zeg je "gewend aan" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “gewend aan” is “acostumbrado” — B1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
No te preocupes por el frío; ya estoy acostumbrado a estas temperaturas.
Maak je geen zorgen over de kou; ik ben al gewend aan deze temperaturen.
Ella está acostumbrada a leer un libro antes de dormir.
Zij is eraan gewend om een boek te lezen voor ze gaat slapen.
Los niños no están acostumbrados a comer verduras.
De kinderen zijn er niet aan gewend om groenten te eten.
Het Essentiële 'a'
Je moet altijd het voorzetsel 'a' (aan) gebruiken na 'acostumbrado' om het te verbinden met het ding of de actie waaraan je gewend bent: 'acostumbrado a los ruidos' (gewend aan de geluiden) of 'acostumbrado a trabajar' (gewend om te werken).
Het Werkwoord 'Estar'
Omdat 'gewend zijn aan' meestal een tijdelijke toestand of gevoel is, gebruik je bijna altijd het werkwoord 'estar' (zijn) met 'acostumbrado', niet 'ser'. Dit is vergelijkbaar met hoe we in het Nederlands vaak 'Ik ben gewend aan...' zeggen, waarbij 'zijn' (estar) de toestand aangeeft.
Het Vergeten van het Voorzetsel
Fout: “Estoy acostumbrado el frío.”
Correctie: Estoy acostumbrado AL frío. (Denk aan de 'a', die samenvoegt met 'el' tot 'al'. In het Nederlands zeggen we 'gewend aan de kou', dus de 'a' is cruciaal.)
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.