Hoe zeg je "ik droom" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “ik droom” is “sueño” — A2 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansA2
VerbA2
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van 'dromen'

Voorbeelden
Yo sueño con viajar a Japón algún día.
Ik droom ervan om ooit naar Japan te reizen.
A menudo sueño que puedo volar.
Ik droom vaak dat ik kan vliegen.
Stamwisseling Werkwoorden (o → ue)
Het werkwoord 'soñar' is een 'laarswerkwoord'. In de tegenwoordige tijd verandert de 'o' in 'ue' voor de meeste vormen (yo, tú, él, ellos), maar blijft 'o' voor 'nosotros' en 'vosotros'. Stel je voor dat je een laars tekent rond de vormen die veranderen!
De voorzetsel 'con' vergeten
Fout: “Sueño ser un doctor.”
Correctie: Sueño con ser un doctor. Als je 'over' iets droomt, moet je het kleine woordje 'con' na het werkwoord gebruiken.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.