Hoe zeg je "nagerechten" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “nagerechten” is “dulces” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansA1
nounA1

Voorbeelden
Mi abuela siempre tiene un tarro lleno de dulces.
Mijn oma heeft altijd een pot vol snoepgoed.
Compramos muchos dulces para la fiesta de cumpleaños.
We kochten veel snoepjes voor het verjaardagsfeestje.
No comas tantos dulces antes de la cena.
Eet niet zoveel snoep voor het avondeten.
Geslacht en Getal
Hoewel 'dulce' een bijvoeglijk naamwoord is, wordt het als mannelijk zelfstandig naamwoord gebruikt wanneer het 'snoep' of 'zoetigheden' betekent: 'el dulce' (één stuk snoep), 'los dulces' (meerdere snoepjes). Dit is anders dan in het Nederlands, waar we meestal 'het snoep' (onzijdig) gebruiken.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.