Hoe zeg je "tennis" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “tennis” is “tenis” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansA1
nounA1
de sport

Voorbeelden
Me gusta ver los partidos de tenis en la televisión.
Ik kijk graag naar tenniswedstrijden op televisie.
La cancha de tenis estaba mojada por la lluvia.
Het tennisveld was nat door de regen.
Geslachtsbepaling
Hoewel 'tenis' eindigt op 's', is het een enkelvoudig mannelijk zelfstandig naamwoord wanneer het naar de sport verwijst (el tenis). Het wordt ook als bijvoeglijk naamwoord gebruikt, zoals in 'jugador de tenis'.
Gebruik van 'al'
Fout: “Me gusta jugar tenis.”
Correctie: Me gusta jugar al tenis. (In veel regio's is het toevoegen van 'al' standaard bij het praten over het spelen van de sport.)
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.