Inklingo

Hoe zeg je "verliet" in het Spaans

Het Spaanse woord voorverlietis marchóA2 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Dutch → SpaansA2
verbA2
vertrok van een plaats
Een persoon met een kleine tas loopt weg van een felgekleurd huisje over een zandweg, wat vertrek illustreert.

Voorbeelden

Ella marchó de la casa sin decir adiós.

Zij verliet het huis zonder gedag te zeggen.

El tren marchó justo a tiempo, no pudimos alcanzarlo.

De trein vertrok precies op tijd; we konden hem niet meer halen.

Usted marchó rápidamente después de la reunión.

U vertrok snel na de vergadering.

Een Enkele Afgesloten Actie in het Verleden

De vorm 'marchó' beschrijft een actie die op een specifiek moment in het verleden voltooid en afgerond was, zoals 'gisteren' of 'om 5 uur'. Dit komt overeen met de voltooid verleden tijd (v.v.t.) of de onvoltooid verleden tijd (o.v.t.) in het Nederlands, afhankelijk van de context.

Niet-Reflexief versus Reflexief

Hoewel 'marchó' (hij/zij vertrok) correct is, hoor je vaak 'se marchó' (van het werkwoord 'marcharse'), wat bijna hetzelfde betekent, maar de nadruk legt op de persoon die zichzelf wegbeweegt. Dit is vergelijkbaar met het verschil tussen 'vertrekken' en 'weggaan' in het Nederlands.

Verwarring tussen Verleden Tijdsvormen

Fout:Het gebruik van 'marchaba' bij het spreken over één afgeronde actie.

Correctie: 'Marchó' is voor een snelle, afgeronde actie (Zij verliet de kamer). 'Marchaba' is voor voortdurende of herhaalde acties in het verleden (Zij vertrok gewoonlijk vroeg).

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.