Hoe zeg je "we gaan" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “we gaan” is “iremos” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Mañana iremos a la playa.
Morgen gaan wij naar het strand.
Iremos al cine si terminamos la tarea.
We gaan naar de bioscoop als we de huiswerk afmaken.
En diez años, ¿a dónde iremos?
Waar zullen wij over tien jaar naartoe gaan?
Een eenvoudige manier om over de toekomst te praten
'Iremos' is een vervoeging van het werkwoord 'ir' (gaan) en betekent 'wij zullen gaan'. Je gebruikt het om te praten over iets wat jij en anderen zeker van plan zijn later te doen.
'Iremos' versus 'Vamos a ir'
Je kunt zeggen 'Iremos a la tienda' of 'Vamos a ir a la tienda'. Beide betekenen 'Wij gaan naar de winkel'. 'Iremos' klinkt iets directer, terwijl 'vamos a ir' heel gebruikelijk is in het dagelijkse gesprek.
Het woord 'a' vergeten
Fout: “Iremos la playa mañana.”
Correctie: Iremos **a** la playa mañana. Het werkwoord 'ir' heeft bijna altijd het kleine woordje 'a' nodig direct vóór de plaats waar je naartoe gaat. Dit is anders dan in het Nederlands, waar je 'naar' gebruikt, maar in het Spaans is 'a' verplicht na 'ir' bij een bestemming.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.