alegría
“alegría” betekent “vreugde” in het Spaans (Het gevoel van groot geluk).
vreugde, blijdschap
Ook: opgewektheid
📝 In Actie
La alegría de la Navidad llenaba toda la casa.
A1De vreugde van Kerstmis vulde het hele huis.
Saltó de alegría cuando vio su nota en el examen.
A2Ze sprong van vreugde toen ze haar cijfer voor het examen zag.
Siempre trae mucha alegría a las reuniones familiares.
B1Ze brengt altijd veel opgewektheid/blijdschap mee naar de familie bijeenkomsten.
Vertaal naar het Spaans
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: alegría
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'alegría' correct?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
🎵 Rijmwoorden▼
📚 Etymologie▼
Het woord komt van de Latijnse wortel *alacer*, wat 'levendig' of 'flink' betekent. Het kwam in het Spaans terecht via het bijvoeglijk naamwoord *alegre* (vrolijk), wat ons het zelfstandig naamwoord *alegría* (opgewektheid/vreugde) opleverde.
Eerste vermelding: 10th century
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'alegría' en 'felicidad'?
'Alegría' (vreugde) is meestal een plotseling, intens of tijdelijk gevoel van opgewektheid (zoals bij het winnen van een spel). 'Felicidad' (geluk) verwijst vaak naar een diepere, meer aanhoudende staat van welzijn of tevredenheid in het leven.
Hoe gebruik ik de werkwoordsvorm van 'alegría'?
De werkwoordsvorm is 'alegrar', wat 'opvrolijken' of 'blij maken' betekent. Bijvoorbeeld: 'Tu visita me alegra' (Jouw bezoek vrolijkt mij op).