casarme
“casarme” betekent “trouwen (ik)” in het Spaans (Gebruikt wanneer het onderwerp ('ik') ook degene is die de handeling ondergaat.).
trouwen (ik)
Ook: dat ik trouw
📝 In Actie
Quiero casarme el próximo verano en la playa.
A2Ik wil volgende zomer op het strand trouwen.
Antes de casarme, necesito encontrar un trabajo estable.
B1Voordat ik ga trouwen, moet ik een stabiele baan vinden.
Estoy pensando en casarme pronto.
A2Ik denk erover na om binnenkort te trouwen.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: casarme
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'casarme' correct?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
🎵 Rijmwoorden▼
📚 Etymologie▼
De basiswerkwoord 'casar' komt van het Latijnse woord 'casa', wat 'huis' of 'hut' betekent. Oorspronkelijk betekende 'casar' 'een huis bouwen' of 'je vestigen'. Deze betekenis is natuurlijk geëvolueerd naar 'trouwen', omdat het stichten van een huishouden het centrale doel van het huwelijk was.
Eerste vermelding: 13th century (in Spanish)
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Waarom wordt het voornaamwoord 'me' aan het einde van het werkwoord geplakt?
In het Spaans heb je, wanneer je een reflexief werkwoord gebruikt na een voorzetsel (zoals 'antes de') of na een hulpwerkwoord (zoals 'querer' of 'necesitar'), de keuze: je kunt het voornaamwoord ('me') vóór het vervoegde werkwoord plaatsen, of het direct aan het einde van de infinitief vastmaken ('casarme').
Wat is het verschil tussen 'casar' en 'casarse'?
'Casar' (zonder voornaamwoord) betekent 'iemand anders trouwen' of 'de huwelijksceremonie uitvoeren'. 'Casarse' (met voornaamwoord) betekent 'trouwen' — de handeling wordt door jou uitgevoerd, op jezelf.