Inklingo

debí

deh-BEEdeˈβi

debí betekent Ik moest in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:

Ik moest, Ik had moetenOok: Het was de bedoeling dat ik

WerkwoordA2regular er
Een kinderboekillustratie van een klein kind met een vastberaden uitdrukking staand voor een zeer grote, gesloten houten deur, met een glimmende zilveren sleutel in de hand, wat een noodzakelijke taak uit het verleden symboliseert.
infinitivedeber
gerunddebiendo
past Participledebido

📝 In Actie

Debí ir al médico ayer, pero no lo hice.

A2

Ik moest gisteren naar de dokter, maar ik ben niet gegaan.

¡Debí escuchar tu consejo!

B1

Ik had naar je advies moeten luisteren!

Cuando me llamaste, debí contestar inmediatamente.

B1

Toen je me belde, moest ik onmiddellijk opnemen.

Woordverbindingen

Synoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • debí haberlo sabidoIk had het moeten weten
  • debí hacerloIk moest het doen

Ik was verschuldigd, Ik stond in het krijt bij

WerkwoordA2regular er
Een kinderboekillustratie waarin een vriendelijke eekhoorn een kleine stapel gouden munten overhandigt aan een grote, lachende uil, wat het terugbetalen van een financiële schuld symboliseert.
infinitivedeber
gerunddebiendo
past Participledebido

📝 In Actie

Le debí mucho dinero a mi hermano, pero ya se lo pagué.

A2

Ik was mijn broer veel geld verschuldigd, maar ik heb hem al betaald.

Debí un favor al jefe por ayudarme con ese proyecto.

B1

Ik stond bij de baas in het krijt voor zijn hulp bij dat project.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • adeudar (schuldig zijn)
  • estar en deuda (in de schulden zitten)

Antoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • debí dineroIk was geld verschuldigd
  • debí un favorIk stond een gunst in het krijt

Indicative

Present

yodebo
debes
él/ella/usteddebe
nosotrosdebemos
vosotrosdebéis
ellos/ellas/ustedesdeben

Imperfect

yodebía
debías
él/ella/usteddebía
nosotrosdebíamos
vosotrosdebíais
ellos/ellas/ustedesdebían

Preterite

yodebí
debiste
él/ella/usteddebió
nosotrosdebimos
vosotrosdebisteis
ellos/ellas/ustedesdebieron

Subjunctive

Present Subjunctive

yodeba
debas
él/ella/usteddeba
nosotrosdebamos
vosotrosdebáis
ellos/ellas/ustedesdeban

Imperfect Subjunctive

yodebiera/debiese
debieras/debieses
él/ella/usteddebiera/debiese
nosotrosdebiéramos/debiésemos
vosotrosdebierais/debieseis
ellos/ellas/ustedesdebieran/debiesen

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: debí

Vraag 1 van 2

Welke zin drukt spijt uit?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Het werkwoord 'deber' komt rechtstreeks van het Latijnse woord *dēbēre*, wat 'schuldig zijn' of 'zich gebonden voelen' betekende. Deze connectie verklaart waarom het Spaanse woord zowel financiële verplichtingen als morele noodzaak omvat.

Eerste vermelding: Around the 10th century

Cognaten (Verwante woorden)

Portuguese: deverFrench: devoir

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Wat is het verschil tussen 'debí' en 'debería'?

'Debí' (ik moest/ik had moeten) is een stellige uitspraak over een verplichting in het verleden of een specifieke spijt in het verleden. 'Debería' (ik zou moeten) is de gebiedende wijs (conditioneel), gebruikt voor voortdurend advies of aanbevelingen in het heden ('Ik zou beter moeten eten') of een zwakkere toekomstige verplichting ('Ik zou haar later moeten bellen').