haberla
“haberla” betekent “het hebben” in het Spaans (verwijzend naar een vrouwelijk zelfstandig naamwoord).
het hebben, het zijn
Ook: moeten hebben
📝 In Actie
Tienes que haberla visto. Es una película increíble.
B1Je moet hem gezien hebben. Het is een ongelooflijke film. (Verwijzend naar 'la película')
No podemos haberla encontrado si no estaba allí.
B2We konden hem niet gevonden hebben als hij er niet was geweest. (Verwijzend naar 'la llave' of iets dergelijks)
Es posible haberla comprado más barata en otro sitio.
C1Het is mogelijk om het ergens goedkoper gekocht te hebben.
Vertaal naar het Spaans
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: haberla
Vraag 1 van 1
Welke zin gebruikt 'haberla' correct?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Dit woord is een samensmelting van het van Latijn afgeleide infinitiefwerkwoord 'haber' (wat 'hebben' of 'bestaan' betekent) en het vrouwelijke lijdend voorwerpspronoun 'la' (van het Latijnse *illa*). De combinatie is een veelvoorkomend kenmerk van de Spaanse grammatica waarbij voornaamwoorden aan het einde van niet-vervoegde werkwoordsvormen worden gefuseerd.
Eerste vermelding: Medieval Spanish
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Waarom is 'haberla' één woord, terwijl 'to have it' in het Engels drie woorden zijn?
De Spaanse grammatica vereist vaak dat lijdend voorwerpspronouns (zoals 'la') direct aan het einde van de infinitiefvorm van het werkwoord vastzitten, waardoor ze onafscheidelijk worden. Dit proces heet 'enclisis' en is een belangrijk verschil met het Nederlands.
Betekent 'haberla' hetzelfde als 'tenerla'?
Niet helemaal. 'Tenerla' betekent meestal 'het bezitten' (eigendom). 'Haberla' maakt bijna altijd deel uit van een complexe werkwoordelijke uitdrukking (zoals 'moeten hebben gedaan' of 'gezien kunnen hebben') waarbij 'haber' fungeert als een noodzakelijk hulpwerkwoord, en niet als een onafhankelijk werkwoord van bezit.