Hoe zeg je "geslacht" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “geslacht” is “género” — gebruik 'género' als je het hebt over de grammaticale categorie van zelfstandige naamwoorden (mannelijk/vrouwelijk) of over de sociale identiteit.
género
Voorbeelden
En español, cada sustantivo tiene un género: masculino o femenino.
In het Spaans heeft elk zelfstandig naamwoord een geslacht: mannelijk of vrouwelijk.
sexo
sek-soˈsekso

Voorbeelden
En el formulario, por favor, indique su sexo.
Op het formulier, gelieve uw geslacht aan te duiden.
La bióloga estudia las diferencias entre los sexos en esa especie.
De biologe bestudeert de verschillen tussen de geslachten bij die soort.
El sexo del bebé todavía no es conocido.
Het geslacht van de baby is nog niet bekend.
Altijd een Mannelijk Zelfstandig Naamwoord
Hoewel 'sexo' naar vrouwen kan verwijzen, is het woord zelf grammaticaal altijd 'mannelijk' in het Spaans. Dit betekent dat je altijd 'el sexo' of 'un sexo' zegt, nooit 'la sexo'.
'Sexo' versus 'Género'
Fout: “Het gebruiken van 'sexo' en 'género' alsof ze altijd hetzelfde betekenen.”
Correctie: Hoewel ze op formulieren vaak door elkaar gebruikt worden, verwijst 'sexo' meestal naar biologische kenmerken (man/vrouw), terwijl 'género' (gender) verwijst naar sociale rollen en identiteit. In alledaagse gesprekken is 'género' gebruikelijker voor identiteit.
Género vs. Sexo
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.
