Hoe zeg je "soort" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “soort” is “tipo” — gebruik 'tipo' als je een algemene variant of categorie van iets bedoelt, vergelijkbaar met 'wat voor soort...'. Dit is de meest voorkomende vertaling..
tipo
/tee-poh//ˈtipo/

Voorbeelden
¿Qué tipo de comida te gusta?
Wat voor soort eten vind je lekker?
No me gusta este tipo de película.
Ik houd niet van dit soort film.
Hay muchos tipos de animales en la selva.
Er zijn veel soorten dieren in de jungle.
Gebruik van 'Tipo de'
Om te vragen 'wat voor...?' zeg je '¿qué tipo de...?'. Het woord na 'de' heeft meestal geen 'un' of 'una' nodig. Bijvoorbeeld, 'un tipo de coche' (een soort auto).
clase
/KLAH-seh//ˈklase/

Voorbeelden
¿Qué clase de música te gusta?
Wat voor soort muziek vind je leuk?
Este restaurante tiene toda clase de comida.
Dit restaurant heeft allerlei soorten eten.
Nunca he visto un animal de esa clase.
Ik heb nog nooit een dier van dat type gezien.
Verwarring met 'Tipo'
Fout: “Denken dat 'clase' en 'tipo' perfect uitwisselbaar zijn.”
Correctie: Ze liggen heel dicht bij elkaar! 'Tipo' is iets gebruikelijker in informeel taalgebruik ('¿Qué tipo de...?'). 'Clase' kan iets formeler klinken, maar wordt perfect begrepen. Je kunt in de meeste gevallen beide gebruiken.
especie
/es-PEH-syeh//esˈpe.sje/

Voorbeelden
En el parque vi una especie de pájaro que no conocía.
In het park zag ik een soort vogel die ik niet kende.
Siento una especie de alegría y nervios al mismo tiempo.
Ik voel tegelijkertijd een soort vreugde en nervositeit.
¿Qué especie de problemas tienes?
Wat voor problemen heb je?
El panda es una especie en peligro de extinción.
De panda is een bedreigde diersoort.
Altijd Vrouwelijk: 'La Especie'
Ongeacht waar je het over hebt, het woord 'especie' zelf is altijd vrouwelijk. Je zegt dus altijd 'una especie de...' of 'la especie', nooit 'un especie'.
Enkelvoud en Meervoud
Net als in het Nederlands kun je praten over 'una especie' (één soort) of 'muchas especies' (veel soorten). Het woord verandert van enkelvoud naar meervoud.
'Especie' versus 'Especia'
Fout: “Me encanta la comida con muchas especies.”
Correctie: Me encanta la comida con muchas especias. 'Especie' betekent soort/type, terwijl 'especia' (meestal meervoud, 'especias') 'kruid' betekent.
marca
MAR-cah/ˈmaɾka/

Voorbeelden
¿Qué marca de teléfono usas?
Welk merk telefoon gebruik je?
Esta marca es famosa por su calidad.
Dit merk staat bekend om zijn kwaliteit.
Geslachtcontrole
Onthoud dat 'marca' altijd vrouwelijk is, dus je moet 'la marca' of 'una marca' gebruiken. In het Nederlands is 'merk' onzijdig (het merk), wat een verschil is met het Spaans.
raza
RAH-sahˈraθa

Voorbeelden
Mi perro es de raza pequeña.
Mijn hond is van een klein ras.
¿Qué raza de caballo prefieres para montar?
Welk paardenras verkies je om op te rijden?
Pura Raza
Om een dier als raszuiver te beschrijven, gebruik je de uitdrukking 'de pura raza' of gewoon 'pura raza' als bijvoeglijk naamwoord, wat altijd vrouwelijk blijft om bij 'raza' te passen. Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse 'een raszuivere hond'.
naturaleza
nah-too-rah-LEH-sah/na.tu.ɾaˈle.sa/

Voorbeelden
La naturaleza humana es complicada.
De menselijke natuur is ingewikkeld.
Por naturaleza, él es muy tímido.
Van nature is hij erg verlegen.
Entender la naturaleza del problema nos ayudó a resolverlo.
Het begrijpen van de aard van het probleem hielp ons het op te lossen.
Idiomatische Voorzetsel 'Por'
Om uit te drukken dat iemand een eigenschap vanaf de geboorte of inherent bezit, gebruik je het voorzetsel 'por': 'Por naturaleza, soy optimista' (Van nature ben ik optimistisch).
Verkeerd Voorzetsel Gebruiken
Fout: “Con naturaleza, ella es tranquila.”
Correctie: Por naturaleza, ella es tranquila. ('Por' is het vaste voorzetsel wanneer men verwijst naar het inherente karakter.)
género
Voorbeelden
En español, cada sustantivo tiene un género: masculino o femenino.
In het Spaans heeft elk zelfstandig naamwoord een geslacht: mannelijk of vrouwelijk.
suerte
/SWER-teh//ˈsweɾ.te/

Voorbeelden
De esta suerte, conseguimos resolver el conflicto pacíficamente.
Op deze manier zijn we erin geslaagd het conflict vreedzaam op te lossen.
El autor describe toda suerte de personajes en su novela.
De auteur beschrijft allerlei personages in zijn roman.
colores
koh-LOH-rehs/koˈloɾes/

Voorbeelden
Cuando le preguntaron por su secreto, se le subieron los colores a la cara.
Toen ze hem vroegen naar zijn geheim, kleurde hij rood/voelde hij zich beschaamd.
Esa revista tiene artículos de todos colores: política, chismes, ciencia...
Dat tijdschrift heeft artikelen van allerlei aard (van elke kleur): politiek, roddels, wetenschap...
Subir los colores
Wanneer iemand bloost, gebruikt het Spaans vaak het werkwoord 'subir' (omhooggaan) of 'salir' (uitkomen) met 'los colores' als onderwerp: 'Se me subieron los colores' (De kleuren stegen in mij op). Dit is een typisch Spaanse constructie die je niet letterlijk naar het Nederlands kunt vertalen.
Verwarring tussen 'tipo', 'clase' en 'especie'
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.







