Hoe zeg je "het repareren" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “het repareren” is “arreglarlo” — A2 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Necesito arreglarlo antes de que empiece la lluvia.
Ik moet het repareren voordat de regen begint.
¿Puedes arreglarlo? Parece que solo es un cable suelto.
Kun jij het maken? Het lijkt erop dat het slechts een losse draad is.
Le costó mucho tiempo arreglarlo, pero ahora funciona perfectamente.
Het kostte hem veel tijd om het te repareren, maar nu werkt het perfect.
De betekenis van 'lo'
De 'lo' die aan het einde vastzit, betekent 'het' of 'dat ding'. Het is de directe ontvanger van de actie. Als je een raam (la ventana) zou repareren, zou je 'arreglarla' zeggen.
Regel voor voornaamwoordplaatsing
Wanneer je een werkwoord gebruikt dat niet is vervoegd (zoals het infinitief 'arreglar'), moet je het voornaamwoord ('lo') direct aan het einde vastmaken, zodat één enkel woord ontstaat. Dit is anders dan in het Nederlands, waar we meestal 'het repareren' zeggen.
Het verkeerd plaatsen van het voornaamwoord
Fout: “Lo voy a arreglar.”
Correctie: Voy a arreglarlo. (Beide zijn technisch correct, maar 'Voy a arreglarlo' is de structuur die dit woordvoorbeeld vertegenwoordigt, waarbij de hechting wordt getoond. Je kunt 'Voy a arreglarlo' of 'Lo voy a arreglar' gebruiken – de regel is dat je hier een keuze hebt, maar de simpele infinitief vereist hechting.)
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.