Hoe zeg je "korter maken" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “korter maken” is “acortar” — A2 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Tengo que acortar estos pantalones porque me quedan muy largos.
Ik moet deze broek inkorten omdat hij me te lang is.
El sastre puede acortar las mangas de la chaqueta.
De kleermaker kan de mouwen van de jas inkorten.
Decidieron acortar el camino yendo por el bosque.
Ze besloten de weg in te korten door door het bos te gaan.
Een Regelmatig Werkwoordspatroon
Dit werkwoord is volledig regelmatig. Het volgt hetzelfde patroon als andere '-ar' werkwoorden zoals 'hablar' (praten) of 'caminar' (lopen).
Het 'a-' Voorvoegsel
In het Spaans betekent het 'a-' aan het begin van werkwoorden vaak 'bewegen naar' een bepaalde staat. Hier betekent 'a-' + 'corto' (kort) 'iets kort maken'.
Acortar vs. Cortar
Fout: “Voy a cortar mis pantalones.”
Correctie: Zeg 'acortar' als je ze korter wilt maken. 'Cortar' klinkt alsof je ze in stukken knipt of er helemaal een stuk afsnijdt.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.