Inklingo

Hoe zeg je "leert" in het Spaans

Dutch → Spaans

aprende

ah-PREN-dehaˈpɾende

verbA1neutraal
Gebruik 'aprende' als de focus ligt op de persoon die actief nieuwe kennis of vaardigheden opdoet.
Een kinderboekillustratie van een kind dat diep geconcentreerd op de grond zit en een groot, open boek leest. Boven het hoofd van het kind zweeft een heldere, gloeiende gloeilamp, wat een moment van begrip of leren symboliseert.

Voorbeelden

Mi hijo aprende muy rápido en la escuela.

Mijn zoon leert heel snel op school.

Usted aprende español con esta aplicación.

U leert Spaans met deze applicatie.

Ella siempre aprende de sus errores.

Zij leert altijd van haar fouten.

De 'Hij/Zij/U' Vorm

Deze vorm wordt gebruikt voor één persoon die niet jij bent of de persoon tegen wie je direct spreekt (hij, zij, of het), OF wanneer je beleefd/formeel tegen één persoon spreekt (Usted).

Regulier -ER Werkwoord

Aangezien 'aprender' regelmatig is, volgen de uitgangen een voorspelbaar patroon. Verwijder simpelweg de '-er' en voeg de juiste uitgang toe voor de persoon die de actie uitvoert.

enseña

en-SEH-nyaenˈseɲa

verbA1neutraal
Gebruik 'enseña' als de focus ligt op de persoon die kennis of vaardigheden doorgeeft aan een ander (iemand iets leert).
Een eenvoudige illustratie die een vrouwelijke lerares toont die een felrode appel vasthoudt terwijl een jonge leerling aandachtig omhoog kijkt, wat de handeling van lesgeven voorstelt.

Voorbeelden

Mi abuela me enseña a cocinar paella.

Mijn oma leert me paella koken.

La guía nos enseña la entrada secreta del castillo.

De gids toont ons de geheime ingang van het kasteel.

¡Enseña tu pasaporte en la aduana!

Toon je paspoort bij de douane!

Dubbele betekenis van Enseñar

Onthoud dat 'enseñar' zowel 'onderwijzen' (een vak) als 'tonen' (een object of richting) betekent. De context helpt je te weten welke het is.

Verwarring met het Direct Object

Fout:Ella enseña a español.

Correctie: Ella enseña español. (Je hebt de 'a' niet nodig vóór hetgeen dat onderwezen wordt, alleen vóór de persoon die onderwezen wordt.)

Verwarring tussen leren en onderwijzen

De meest gemaakte fout is het door elkaar halen van 'aprende' (leren) en 'enseña' (onderwijzen). Denk eraan: als jij de leerling bent, gebruik je 'aprender' (hij/zij leert). Als jij de leraar bent, gebruik je 'enseñar' (hij/zij leert iemand iets).

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.