Hoe zeg je "maan" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “maan” is “luna” — gebruik 'luna' als je verwijst naar de specifieke maan van de Aarde, het hemellichaam dat 's nachts zichtbaar is, of in algemene zin over een natuurlijke satelliet van een planeet..
luna
/loo-nah//ˈluna/

Voorbeelden
La luna es hermosa esta noche.
De maan is vanavond prachtig.
La luna está muy brillante esta noche.
De maan is vanavond erg helder.
Anoche fuimos a la playa a la luz de la luna.
Gisteravond gingen we naar het strand in het maanlicht.
El primer hombre en la luna fue Neil Armstrong.
De eerste man op de maan was Neil Armstrong.
Altijd een 'La'-woord
In het Spaans zijn alle zelfstandige naamwoorden ofwel 'el'-woorden of 'la'-woorden. 'Luna' is altijd een 'la'-woord. Je zegt dus altijd 'la luna' (de maan) of 'una luna' (een maan).
'El' gebruiken in plaats van 'La'
Fout: “Vi el luna anoche.”
Correctie: Vi la luna anoche. Onthoud dat 'luna' een 'la'-woord is omdat het eindigt op '-a', net als veel Nederlandse zelfstandige naamwoorden die eindigen op '-a' (zoals 'de camera').
luna
Voorbeelden
Saturno tiene muchas lunas, algunas con superficies heladas.
Saturnus heeft veel manen, sommige met ijzige oppervlakken.
satélite
Voorbeelden
La Tierra tiene un único satélite natural: la Luna.
De Aarde heeft één enkele natuurlijke satelliet: de Maan.
Luna vs. Satélite
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.
