Inklingo

Hoe zeg je "pan" in het Spaans

Dutch → Spaans

olla

OY-yahˈoʝa

nounA1neutraal
Gebruik 'olla' voor een diepe pan met een deksel, die je gebruikt om in te koken, sudderen of stoven, zoals een soeppan of stoofpan.
Een grote, ronde kookpot van keramiek met twee handvatten en een deksel, staand op een houten oppervlak.

Voorbeelden

Pon la olla en el fuego para hervir el agua.

Zet de pan op het vuur om het water te koken.

Necesito una olla más grande para la sopa.

Ik heb een grotere pan nodig voor de soep.

Vrouwelijk Zelfstandig Naamwoord

Hoewel het eindigt op 'a', moet je onthouden dat je altijd 'la' ervoor gebruikt: 'la olla'. Dit is vergelijkbaar met hoe sommige Nederlandse zelfstandige naamwoorden een vast lidwoord hebben, maar hier is het altijd 'de' (de pan), maar in het Spaans is het 'la'.

Olla versus Sartén

Fout:'Olla' gebruiken om een ei te bakken.

Correctie: Gebruik 'olla' om te koken of soepen te maken, en 'sartén' om te bakken of omeletten te maken. Dit is vergelijkbaar met het verschil tussen een kookpan en een koekenpan in het Nederlands.

sartén

nounA1neutraal
Gebruik 'sartén' voor een ondiepe, platte pan met een lange steel, specifiek bedoeld om in te bakken of braden, zoals een koekenpan.

Voorbeelden

Pongo la sartén en el fuego para freír un huevo.

Ik zet de koekenpan op het fornuis om een ei te bakken.

Olla vs. Sartén: De meest gemaakte fout

De meest voorkomende fout is het door elkaar halen van 'olla' en 'sartén'. Gebruik 'olla' voor diepe kookpannen (zoals voor soep) en 'sartén' voor platte bakpannen (zoals een koekenpan).

Gerelateerde vertalingen

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.