Hoe zeg je "polo" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “polo” is “polo” — B1 niveau.
Dutch → SpaansB1
nounB1
de sport

Voorbeelden
El equipo de polo ganó el campeonato nacional.
Het poloteam won het nationale kampioenschap.
Mi primo practica polo acuático los fines de semana.
Mijn neef beoefent in het weekend waterpolo.
Sporten Spelen
Om te zeggen 'polo spelen', gebruikt het Spaans meestal de constructie 'jugar AL polo' (jugar A + el polo). In het Nederlands zeggen we gewoon 'polo spelen' (zonder voorzetsel).
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.