Inklingo

Hoe zeg je "roofdier" in het Spaans

Dutch → Spaans

depredador

/deh-preh-dah-DOR//depɾeðaˈðoɾ/

nounB1general
Gebruik 'depredador' als je specifiek een dier bedoelt dat op andere dieren jaagt om te overleven, zoals een leeuw of een havik.
Een gestroomlijnde luipaard die op een boomtak ligt, kijkend naar de grond beneden.

Voorbeelden

El león es un depredador formidable en la sabana africana.

De leeuw is een geduchte jager in de Afrikaanse savanne.

El águila es un depredador con una vista increíble.

De adelaar is een roofdier met een ongelooflijk gezichtsvermogen.

Muchos depredadores prefieren cazar durante la noche.

Veel roofdieren jagen liever 's nachts.

La introducción de un nuevo depredador cambió el ecosistema.

De introductie van een nieuw roofdier veranderde het ecosysteem.

Gebruik als zelfstandig naamwoord versus bijvoeglijk naamwoord

Je kunt dit woord gebruiken als naam voor een dier ('el depredador') of als beschrijvend woord ('un animal depredador'). In het Nederlands gebruiken we meestal 'roofdier' als zelfstandig naamwoord en 'roofzuchtig' of 'predatoor' als bijvoeglijk naamwoord.

Verbuiging op geslacht

Als je een vrouwelijk dier beschrijft, verandert het woord in 'depredadora' om overeen te komen. In het Nederlands is 'roofdier' onzijdig, dus dit probleem doet zich niet voor.

Verwarring met 'prooi'

Fout:El conejo es un depredador.

Correctie: El conejo es la presa; el lobo es el depredador. Onthoud: de 'depredador' is degene die eet, de 'presa' wordt gegeten! In het Nederlands: het konijn is de prooi; de wolf is het roofdier.

cazador

/kah-zah-DOR//ka.θaˈðoɾ/

nounB1general
Gebruik 'cazador' als je het hebt over iemand (of soms een dier) die actief jaagt, met name in de context van sport, beroep of overleving, en niet per se het dier dat eet.
Een persoon gekleed in aardetinten, die een houten speer vasthoudt, stilstaand in een zonnige bosopening.

Voorbeelden

El cazador furtivo fue multado por cazar sin permiso.

De stroper kreeg een boete voor het jagen zonder vergunning.

Mi abuelo era un cazador experto y conocía bien el bosque.

Mijn grootvader was een ervaren jager en kende het bos goed.

Los cazadores deben tener una licencia legal para practicar la caza.

Jagers moeten een wettelijke vergunning hebben om de jacht uit te oefenen.

El león es el cazador más temido de la sabana.

De leeuw is het meest gevreesde roofdier (jager) van de savanne.

Geslacht en Meervoud

Dit woord is mannelijk. Om over een vrouwelijke jager te spreken, verander je de uitgang naar 'cazadora'. Het meervoud voor mannen of gemengde groepen is 'cazadores'.

Verwarring tussen het Zelfstandig Naamwoord en de Handeling

Fout:Het gebruik van 'cazador' wanneer je de handeling van het jagen bedoelt.

Correctie: Gebruik 'caza' (het zelfstandig naamwoord voor de handeling) in plaats van 'cazador' (de persoon). Voorbeeld: 'Vamos de caza' (We gaan op jacht).

Depredador vs. Cazador

De meest gemaakte fout is het verwarren van 'depredador' (het roofdier zelf, de jager) met 'cazador' (de jager als persoon of activiteit). Gebruik 'depredador' voor het dier dat eet en 'cazador' voor de jager, vooral als mens.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.